RWANDA

Nee, niet zeggen dat PSV leuk voetbalde in Leipzig.

Was wel zo, maar ’t doet er niet toe. Het gaat in topsport om ’t ré-sul-taat. Om de punten, dus om de miljoenen. Om big business. En niet alleen in het voetbal.

In de Formule 1 moeten coureurs – vloekend met alles waar autoracen voor staat – van het gas af om hun batterijen te kunnen opladen, omdat Het Grote Geld lonkt in de markt van de elektrische auto’s. Dat die Formule 1-stekkerbolides er tamelijk lachwekkend massaal mee ophouden zodra het gaat regenen… Dat die dingen stilvallen als op een zwart strand aangespoelde bultruggen… Jammer dan.

Het circus wijkt binnenkort uit naar Rwanda, waar ze een nieuw circuit bouwen en duizelingwekkende bedragen neertellen voor de koningsklasse van de autosport. Rwanda, waar ondanks de economische groei de helft van het volk in armoede leeft en waar tot drie jaar geleden honderden miljoenen euro’s aan Nederlandse ontwikkelingshulp naartoe gingen. Nederland, dat zelf zo’n Grand Prix financieel niet meer kan ophoesten.   

Voor wie het nog niet weet: topsport wordt geregeerd door gewetenloze gekkigheid, waaruit zuivere beleving wordt verdreven. En daarom is het zo mooi dat er nog toppers zijn als Max Verstappen.

Prachtig moment na de kwalificatie voor de hoofdrace in Singapore. Verstappen heeft weer een auto die bijna net zo goed is als de Mercedessen en de Ferrari’s, dus rijdt hij vooraan. Sprintrace gewonnen, snelste in de kwalificatie voor het hoofdnummer…

Enig smetje: slechte start in dat sprintvoorafje, omdat hij van de teambaas op de natte baan in de tweede versnelling moest wegrijden en niet – zoals hij wilde – in de eerste.

Hij werd ingehaald door George Russell, die later te veel risico’s nam en crashte. ‘Zo kon je de sprintrace toch winnen’, zei een verslaggever. Het maakte Verstappen nog chagrijniger. Hij wil de winnaar zijn omdat hij de beste is, niet omdat een concurrent een fout maakt. Hij wil het publiek vermaken met spectaculaire acties, niet met strategisch rekenwerk als onderdeel van de big business.

Dat heet liefde voor de sport. Zo mooi, zo zeldzaam.

Het bevlogen spel van Manchester City in de tweede helft tegen Paris St. Germain was toch ook mooi? Ja, maar wel anders.

Manchester City… Honderd-en-vijftien keer de kluit belazerd om alles te kunnen winnen wat er te winnen valt, onder leiding van gejurkte woestijndespoten, die medemensen zien als slaven en voetbalclubs als speeltjes. Eigenaren uit de zandbak, er heilig van overtuigd dat financiële spelregels niet gelden als je met miljarden kunt strooien. Verbannen dus? Gestraft, geschorst? Nee, de VAR is nog in beraad. En dat kan – gezien de macht van de zandbakdictators – nog heel lang duren. 

Manchester City verloor van de Fransen, pakte geen punten en dus geen ré-sul-táát, maar dat doet er in dit geval even niet toe. Bij alle wedstrijden die deze verrotte voetbalclub nog op het hoogste niveau speelt is er één de grootste verliezer.

De sport. 

 

 

Scroll naar boven