Wat doet in alcohol gedompelde vreugde met een mens?
1: PSV wordt nóg eerder kampioen, omdat Volendam twee punten afsnoept van Feyenoord en de clubleiding stuurt – met gevulde kelken in de hand en feestmutsen op het hoofd – een lading Bavaria-bier naar het palingdorp. Met de vriendelijke groeten uit Brabant. Leuk, grappig, vrolijk.
2: PSV’ers trekken op de platte kar zuipend en hossend door Eindhoven, richting een podium waarop geheel volgens traditie lallend het volk wordt toegeschreeuwd. Ryan Flamingo pakt de microfoon en zingt Wie niet springt die is een Jood. Leuk? Grappig? Vrolijk?
Flamingo leeft – neem ik aan – niet onder een steen. Hij moet dus op z’n minst íets hebben meegekregen van een dieptreurig tijdsbeeld met Jodenjachten, aanslagen op Joodse scholen en angstaanjagend groeiend antisemitisme. Flamingo is profvoetballer en zou dus íets moeten weten van een voorbeeldfunctie, die je niet even weg kunt stoppen als je euforisch op een podium staat. De clubleiding moest uiteraard reageren op het openbare wangedrag van z’n verdediger. Da’s best vervelend, met een kater vanwege de gevulde kelken.
Een treetje gerstenat naar Volendam sturen is makkelijker, maar zwijgen is geen optie. Welk woord moet je kiezen om die zeven woorden van Flamingo te duiden? Persoonlijk zit ik te denken aan: hersenloos. Of: krankzinnig. Of beter nog: onacceptabel. De clubleiding van landskampioen PSV kiest voor het woord ‘onhandig’.
On-han-dig. Dat gebruik je als je een bierglas uit je klauwen laat vallen. Als je – zoals Theo Jansen tijdens de kampioensviering van FC Twente – uit een rijdende bus stapt om uit een andere bus bier te halen en daarbij op je smoel valt. Maar níet als je – al dan niet met een bezopen harses – de haat aanwakkert tegen mensen die anno 2026 moeten vrezen voor hun leven omdat ze Joods zijn.
3: Bosnië/Herzegovina schakelt Italië uit met strafschoppen en gaat naar het WK. Land op z’n kop, volksfeest. Een ballenjongen blijkt voor de beslissende penaltyreeks een spiekbriefje te hebben gejat van de Italiaanse doelman Donnarumma. Het briefje – met daarop aanwijzingen hoe de tegenstanders de strafschoppen zouden nemen – lag naast de paal op een handdoek. In Marokko jatte een ballenjongen tijdens de finale van de strijd om de Afrika Cup de handdoek, hier jatte een ballenjongen het briefje.
‘Donnarumma pakte zijn handdoek en kon het papiertje niet vinden; hij was heel boos en teleurgesteld’, zegt de ballenjongen, stralend in het feestgedruis. Hoe moet je zo’n daad – nuchter, zonder blijdschap – noemen? Schandalig? Verwerpelijk? In Bosnië lalt de voetbalgemeenschap: ‘Heldhaftig!’ De ballenjongen is een volksheld, er wordt massaal geroepen dat hij als mascotte mee moet naar het WK. Als beloning voor wangedrag.
Vreugde doet rare dingen met de mens.