Hoogtepunt van het sportjaar 2025 is niet een moment, maar een mens.
Niet een fragment, maar een sterveling van vlees en bloed, wiens gedenkwaardige prestaties uitgesmeerd kunnen worden over vele maanden.
Zijn naam: Anthony Correia.
Dat hij trainer is van Telstar doet er in dit verband niet toe. Sterker nog: dat hij sportief de baas is van die wonderlijke club uit Velsen-zuid is voor mij als roeptoeter in deze onverbeterlijke radioshow zelfs een lelijk nadeel. Heeft alles te maken met de blinde adoratie in stereo van Leo en Nico Driessen voor Telstar. Als neutrale stukjestikker voel ook ik wel degelijk sympathie voor de bizarre naar vis stinkende voetbalfamilie met haar hilarische culthumor, maar die wordt aangevreten door de naar extremisme riekende promotieteksten uit de monden van beide broers.
En dan is er ook nog de wekelijkse column van voormalig vederloos opperhoofd Pieter de Waard, die met de van Dominee Dagsluiter geleende stem zo’n beetje alle gefladder van De Witte Meeuwen (copyright: Guus Hiddink) heilig verklaart. Dan bekruipt je – met objectief bloed in de aderen – toch de neiging om in NH Radio Sportcafé bij wijze van tegengif heel hard ‘hup Volendam’ te gaan roepen.
Maar het fenomeen Anthony Correia is niet trainer van Volendam, wel van Telstar, dus vooruit dan maar. Telstar, voorheen het vrolijkste sterfhuis op aarde onder de rook van een giffabriek met een naam die klinkt als de eerste twee woordjes van een baby: ta-ta. Telstar, rijk als het gaat om creativiteit, arm als het gaat om geld. En ’t gáát om geld, dus leek de club gedoemd tot een eeuwig verblijf in de krochten van het betaald voetbal.
En toen was daar Anthony Correia, verantwoordelijk voor:
Leuk voetbal met een elftal dat speelt voor een appel en een ei. Promotie met spelers waarvoor zo’n beetje alle andere profclubs de neus ophalen. Verdiende winst in Eindhoven tegen de landskampioen met een begroting die ze-ven-tien-en-een-half keer zo groot is. Een vijftiende plek in de winterstop, met drie clubs onder je. Wonderen bestaan. Was getekend: Anthony Correia.
Jonge trainers hebben tijd en ondersteuning nodig, zelfs als ze – zoals Heitinga en Van Persie – grote voetballers waren, wordt beweerd. De stress in topvoetbal is dodelijk, wordt beweerd. Correia doet z’n werk in volle stadions met de lol en de vanzelfsprekendheid van een pupillentrainer. Een verademing.
Hij gaat nog een tijdje overtuigen met de club van Driessen & Driessen. Daarna maakt hij Ajax eindelijk weer eens kampioen met oogstrelend voetbal, om aansluitend het hoogtepunt van z’n loopbaan te beleven in Engeland. De Wonderboy van Telstar uit Velsen-zuid gaat er als manager hoogstpersoonlijk voor zorgen dat Manchester United voor het eerst sinds mensenheugenis de béste van Europa wordt.
Anthony Correia, de Max Verstappen van het trainersgilde.