WITTE RAAF

Het komt tegenwoordig verontrustend vaak voor dat mevrouw Dijkstra – zappend langs tv-kanalen – zegt ‘er is voetbal op’ en dat ik dan antwoord: ‘Nou en?’

Inderdaad, zorgwekkend. Alsof de pastoor zijn geloof in God verliest, alsof een witte leeuw plotsklaps z’n neus ophaalt voor een mals springbokje, alsof culinair dichter Arend Marinade braakneigingen krijgt van een goede bak bami.

Een leven lang idolaat zijn van dat spelletje en dan in de herfst van het aardse bestaan worden overvallen door onthutsende onverschilligheid… Hoe kan dat? Nou, om te beginnen door de misselijkmakende gewichtigdoenerij die rond het topvoetbal is gaan hangen. Door veel te grote belangen. Door de stapels miljoenen die je verspeelt als je een bal langs de verkeerde kant van de paal tikt. En vooral door de maffiageest van I’m gonna make him an offer he can’t refuse, de geest van koste wat kost moeten winnen en dus niet meer mógen verliezen.

En dan is daar Anthony Correia, witte raaf in een zwerm zwarte kraaien. Trainer van Telstar, zuiver voetbalplezier predikend en met een op papier kansloos elftal wonderwel overlevend tussen de grote jongens.

Hij stapte op de eerste speeldag als debutant de Johan Cruijff Arena binnen alsof ‘t stadion Ridders Kaashuis was, waar je even een recht stukje extra belegen komt ophalen. Van zoveel onbevangenheid – gekoppeld aan een brutale frisse speelstijl – gaan zelfs bescheiden profjes heel aardig voetballen.     

René van der Gijp zei het treffend: ‘Wat het Telstar-mannetje heeft bereikt, is veel knapper dan wat Pep Guardiola met Manchester City voor elkaar kreeg’.

Dan kun je – om de grootheid van Anthony Correia met woorden te vangen – wel gaan wijzen op twee keer winnen van de landskampioen en zo, maar dat is scorebordjournalistiek. Te makkelijk. Het succes duiden met typische trainerstermen als hoog druk zetten en tussen de linies spelen? Zinloze uitsloverij. Nee, de genialiteit van Anthony Correia laat zich ’t best vangen in één tafereel. Slotfase van FC Volendam-Telstar, met als inzet lijfsbehoud. Strafschop voor Telstar, doelman Ronald Koeman jr. loopt naar voren om ‘m te nemen. Scenario: raak is nog een jaartje eredivisie, mis is kans op een uitbraak en zonder keeper in de goal het risico van een dodelijk tegendoelpunt. Koeman kijkt op weg naar de stip even naar Correia op de bank.

Moet ik dit wel doen? gebaart hij.     

‘Gewoon nemen’, roept Correia. ‘Als je ‘m er maar wel inschiet.’

‘Als-je’m-er-maar-wel-inschiet.’ De mooiste quote van het seizoen.

‘Hij zat er lekker in, hè?’, sprak de trainer na de wedstrijd en de lol gutste uit z’n ogen. Zo word je dus als gedoodverfde degradant gewoon veertiende. Wonderen bestaan en Anthony Correia laat ze geschieden door net te doen alsof er niks wonderlijks aan is.       

Anthony Correia… Hij geeft de pastoor z’n geloof in God terug, Arend Marinade zijn honger naar een goede bak bami. En mij m’n liefde voor voetbal.      

Scroll naar boven